Laden

RTL Nieuws

Acceptatie homoseksualiteit onder jongeren sterk gedaald: 'Enorm zorgwekkend'

RTL Nieuws··Aangepast: 
De acceptatie van homoseksualiteit onder jongeren is tussen 2021 en 2025 sterk afgenomen. Bij jongens gaat het om bijna een halvering: het percentage met een positieve houding tegenover homoseksualiteit daalde van 40 naar 22 procent. Dat blijkt uit het nieuwste HBSC-onderzoek van de Universiteit Utrecht en het Trimbos-instituut. "Enorm zorgwekkend", zeggen de onderzoekers over de ontwikkeling.Maak RTL je Google-favoriet
© ANPAcceptatie homoseksualiteit onder jongeren sterk gedaald: 'Enorm zorgwekkend'
Een tien meter lange regenboogvlag wordt gedragen vooraan in de stoet van de World Pride Walk in Amsterdam voor acceptatie van de Lhbtiq+ gemeenschap.

'Mag iemand die homoseksueel of lesbisch is daar op school open over zijn?' Het is een van de vragen die werden gesteld in een grootschalig, vierjaarlijks onderzoek naar gezondheid, welzijn, gedrag en de sociale omgeving van schoolgaande jongeren van 12 tot 16 jaar. In 2021 gaf 60 procent van de jongeren aan dat dit op de middelbare school kon. In 2025 is dat nog 45 procent.

Verruwing van de maatschappij

Gonneke Stevens, hoofdonderzoeker van het HBSC-onderzoek en hoogleraar Jongerenwelzijn aan de Universiteit Utrecht, had wel een daling verwacht, maar niet zo sterk. "De cijfers komen niet uit de lucht vallen. Je kijkt naar een verruwing van het maatschappelijke debat over seksuele diversiteit. Dat zie je bijvoorbeeld aan de reacties op de regenboogvlaggen", zegt Stevens.

Ook onder meisjes is de houding tegenover homoseksualiteit sterk veranderd. Het percentage meisjes in het voortgezet onderwijs met een positieve houding daalde van 78 naar 51. "Meisjes zijn hier weliswaar positiever over, maar ook onder hen is dit percentage sterk gedaald", zegt Stevens.

Lees ook

'Lhbtiq+'ers weten heel goed hoe Nederland verandert': zeven op de tien zien acceptatie afnemen

De daling is volgens Stevens over de hele linie zichtbaar. "We zien die in alle groepen. Met en zonder migratieachtergrond, in alle onderwijsniveaus en in gezinnen met een lage en hoge welvaart. Het is dus niet zo dat het uit een bepaalde hoek uit de samenleving komt."

Paarse Vrijdag ingetogener

Dat beeld herkent Rozanne Vleugel, docent en GSA-coördinator bij lhbti+-belangenorganisatie COC Midden-Nederland, uit de praktijk. GSA staat voor Gender and Sexuality Alliance, een groep op school die zich inzet voor een veilige omgeving voor lhbti+-leerlingen. Vleugel merkt dat ook Paarse Vrijdag, de jaarlijkse actie op scholen voor meer acceptatie van lhbti+-leerlingen, in een paar jaar tijd is veranderd.  "Werd een paar jaar geleden bijvoorbeeld nog een kraampje in de aula geplaatst, in het openbaar en heel openlijk, nu zorgt het juist voor onveiligheid en is het daarom veel ingetogener."

Paarse Vrijdag wordt volgens haar op veel scholen inmiddels meer afgeschermd georganiseerd. "Zo komen GSA-leerlingen bijvoorbeeld samen in een lokaal. Er is vaak nog wel versiering in de school, maar leerlingen zijn minder zichtbaar als uithangbord van de actie." Op sommige scholen kan Paarse Vrijdag nog wel op de oude manier worden gevierd, maar volgens Vleugel zijn die inmiddels een uitzondering.

"Een school zou juist een veilige plek moeten zijn. Maar die manosphere is bijvoorbeeld zo sterk dat die veiligheid niet altijd gegarandeerd kan worden", zegt Vleugel.

Mentale problemen

De daling is volgens Stevens slecht nieuws voor homoseksuele jongeren. "Deze situatie leidt er waarschijnlijk toe dat ze vaker afgewezen worden door andere jongeren. Ze kunnen niet openlijk praten over het feit dat ze homoseksueel zijn. Dat vergroot hun kans op mentale problemen."

Ook COC-directeur Marie Ricardo noemt de ontwikkeling 'schrikbarend'. Het COC roept het kabinet, scholen, ouders en sociale mediabedrijven op om in actie te komen.

Volgens Stevens hebben scholen een belangrijke verantwoordelijkheid. "Ze hebben de verantwoordelijkheid om hier in hun curriculum aandacht aan te besteden. Bijvoorbeeld door de inzet van GSA-werkgroepen en door leraren te ondersteunen in hoe ze moeten reageren als er bepaalde opmerkingen worden gemaakt."

Vleugel vindt het belangrijk dat scholen ondanks de weerstand aandacht blijven besteden aan het onderwerp. "Er zijn ook scholen die naast het inperken van Paarse Vrijdag geen voorlichters van COC meer langs laten komen. Maar er zijn in overleg met COC best manieren om dit soort dingen veilig te kunnen doen. Zorg wél voor die gastlessen, hang wél die posters op. Zorg ook dat je er breder aandacht voor vraagt, niet alleen op Paarse Vrijdag."

Maar volgens Stevens ligt die verantwoordelijkheid niet alleen bij scholen. "We dragen die verantwoordelijkheid als maatschappij. Zo is het belangrijk dat we bijvoorbeeld positieve rolmodellen hebben. Ook het kabinet heeft hierin een verantwoordelijkheid. Wat kun je doen aan wet- en regelgeving rond haatzaaiende en discriminerende berichten op sociale media? Politici kunnen nadenken over de manier waarop ze zich uitspreken."

Ook ouders hebben een belangrijke rol, vindt Stevens. "Bijvoorbeeld als het gaat om richtlijnen voor schermgebruik. Als kinderen met dit soort content worden geconfronteerd, ga dan ook met hen het gesprek aan."

Deel artikel